Openingstoespraak Academisch Jaar FPTR 2026-2027

Prof. dr. G. D. Minderman

Openingstoespraak van het Academisch Jaar - FPTR 2026-2027.

Votum: Gods liefde roept mensen bijeen om, midden in een onvoltooide wereld, tekenen van de nieuwe schepping te worden.

Geachte vertegenwoordigers van de kerk, mevrouw de Voorzitter, geachte leden en oud leden van de raad van bestuur, collega Aurelien Zincq de la Faculté francofone, collega’s, vrienden van de Faculteit, en vooral u: studenten aan de faculteit, van harte welkom bij de opening van het nieuwe academische jaar van de Faculteit voor Protestantse Theologie en Religiestudies in Brussel!

Wij staan aan het begin van een nieuw academisch jaar. Wij verwelkomen 18 (!) nieuwe studenten, begroeten oude bekenden, hervatten onderzoek en onderwijs en richten onze blik opnieuw op de toekomst. Er is een heleboel te doen, veel inzicht te vergaren, veel werk te verzetten en veel mensen te spreken. En zonder er maar een hele zware last op te leggen: bestuur, decaan en studiecoördinator Kathleen Vermeulen heten u van welkom en we hebben hoge verwachtingen van u.

Wij openen dit academisch jaar in een periode van ingrijpende veranderingen. Er is onzekerheid, er zijn moeilijke besluiten te nemen en er liggen grote uitdagingen voor ons. Wij ondervinden forse tegenwind van de accreditatieorganisatie die tegen alle adviezen in ons de academische status niet gunt. In diezelfde tegenwind bevindt zich ook de Vlaamse regering die onze financiering wil intrekken. Dat levert een puzzel op die ik graag met u in het komende jaar ga leggen. Als de tegenwind fors is, wordt de puzzel daardoor alleen maar interessanter. Onder het motto “never waste a good crisis’ geeft het ons ook de mogelijkheden die we eerder niet hadden: in lateraal of onafhankelijk denken, in nieuwe wegen en ideeën, in een volgende fase. Ik doe daar niet licht over: het vergt niet zo maar een aanpassing van wat parameters, maar een serieuze herpositionering in het academische, kerkelijke en maatschappelijke veld.
De apostel Paulus kende zulke momenten. Zijn leven verliep zelden langs de veilige weg. Hij verloor zekerheden, zag vertrouwde structuren verdwijnen en moest telkens opnieuw beginnen. Maar nooit verloor hij zijn overtuiging dat God mensen blijft roepen om nieuwe wegen te gaan: in een onvoltooide wereld ligt er de taak om tekenen van een nieuwe schepping te worden. Paulus bleef niet wachten tot de wereld naar hem toe kwam. Hij ging zelf de steden binnen, zocht de marktplaatsen op, ontmoette mensen in hun dagelijkse werkelijkheid en bouwde daar aan nieuwe gemeenschappen van hoop. Zie hier de strategie van de FPTR: Gaan met Paulus. We zoeken de randen van de kerk op en tegelijkertijd de kern van de theologische wetenschap. We gaan met nieuwe mensen nieuwe groepen en programma’s vormgeven en als het even tegenzit, beginnen we gewoon op nieuw. Dat was toen met Paulus het geval, en dat doen wij gewoon nu ook weer.

Wij bouwen voort op een rijke protestantse traditie van Schriftstudie, kritisch denken, academische vrijheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid. Maar trouw aan DIE traditie betekent juist dat wij NU niet stil kunnen blijven staan. Wie Paulus volgt, blijft in beweging . Daarom kiezen wij bewust voor een faculteit die aanwezig is waar de vragen van onze tijd klinken. De kleinste faculteit voor de grootste vragen.

En dan staan we maar in de wind: dat is wellicht onze plaats. Daar horen wij misschien wel thuis, als kerk en faculteit. Wij willen theologen, predikanten en hopelijk geestelijk verzorgers opleiden die midden in de samenleving staan, positie nemen en betrokken leiders van de gemeenschap zijn. Wij gaan nieuwe mensen betrekken bij nieuwe professies als straatpastoraat, studentenpastoraat, geestelijke verzorging en city en corporate chaplaincy. En als de wind daartegen tekeer gaat, staan wij rechtop in de wind. Wij zullen onderzoek verbinden met de praktijk van mensen. Wij zijn en blijven een academische gemeenschap die wetenschap en maatschappelijke betrokkenheid juist met elkaar verbindt, maar die zich ook verbonden voelt met de kerk waarvoor zij opleidt.

Dat is geen breuk met onze geschiedenis. Het is een voortzetting ervan. Maar er is nu wel een scharniermoment: de wisseling van hoogleraren.
Vandaag en later volgende maand nemen wij afscheid van de twee collega’s die gedurende vele jaren het gezicht, het profiel, de inhoud en de richting van deze faculteit hebben bepaald. Hun enorme inzet aan wetenschappelijke werk, hun geweldige onderwijs en hun volhardende trouw aan de academische gemeenschap hebben vele, vele studenten gevormd. Zij hebben de FPTR gemaakt tot wat zij vandaag is. En dat is veel om trots op te zijn.

Namens ons allen spreek ik onze grote dankbaarheid uit voor alles wat Johan Temmerman en Leendert-Jan Parlevliet aan deze faculteit hebben gegeven. Hun werk blijft onderdeel van ons gezamenlijke geheugen en vormt een fundament waarop wij verder mogen bouwen. Mochten wij ooit verplicht worden de naam faculteit op te geven, dan worden wij een instituut. Op de één of andere manier klinkt het Temmerman Instituut voor Onafhankelijke Theologie als een mooie optie!

Wij verwelkomen ook nieuwe collega’s: Prof Petre Maican en Cees Willem van Vliet zijn reeds met volle energie aan de slag gegaan. Voor sociologie en antropologie hebben we Mevrouw Yasmine Rishwani bereid gevonden en Eefje van de Linden zal een stuk van het onderwijs in de Praktische Theologie voor haar rekening nemen. Er volgen zeker nog meer nieuwe mensen. De verwachtingen zijn ook hier hoog en wij kijken uit naar de samenwerking met jullie allemaal.

Weliswaar niet nieuw in het team maar zeer belangrijk zijn onze promovendi. U zult binnenkort horen hoe enkele leescommissies hun werk hebben gelezen. Heel bijzonder, volgens mij voor het eerst, is het feit dat Peter Derie een beurs heeft gekregen voor zijn doctoraatsonderzoek van FWO, het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek in Belgie. Veel succes en we staan klaar om te helpen waar we kunnen.
Wij zullen ongetwijfeld moeilijke jaren tegemoet gaan. De accreditatie komt niet in het komende jaar terug en dat zou wel eens langer kunnen duren. Er zullen vraagstukken ontstaan over de financien als de subsidie volgend jaar stopt, hetgeen betekent dat we veel niet meer kunnen doen of anders moeten doen. Ik herhaal: dit jaar wordt bestuurlijk een heel  lastig jaar waarin wij ons in een nieuwe – politieke, juridische en maatschappelijke –  realiteit moeten gaan heruitvinden. De raad van bestuur is zich daarvan goed bewust en ik ben dankbaar voor de steun die wij van hen krijgen.
Maar wanneer wij teveel over besturen en structuren spreken, verliezen wij precies datgene waarvoor wij bestaan.

Onze opdracht is groter.
Een universitaire gemeenschap rust niet op gebouwen, accreditaties of organisatiestructuren. Uiteindelijk wordt een academische gemeenschap gedragen door mensen die samen zoeken naar waarheid, wijsheid en verantwoordelijkheid. Kritisch, nieuwsgierig en onafhankelijk. Wij gaan met die instelling de samenwerking zoeken met KU Leuven, de PThU en de VU Amsterdam: overigens niet uit noodzaak maar om sterker verankerd te raken in de academische dynamiek en onze wetenschappelijke eigenheid in de toekomst te verzekeren.

Ik hoop dat, als we volgend jaar hier weer staan, wij zullen zeggen dat juist in dit jaar onze gemeenschap de moed heeft gevonden om door te gaan.  Een gemeenschap die de ramen openzet. Die de stad binnengaat. Die geloof en wetenschap met de samenleving verbind. En die daarmee een nieuwe groep protestantse voorgangers, inspirerende leiders weet te vormen. Leiders die kunnen luisteren, steunen, hoop geven en verbinden. Inspireren.

Laten wij daarom dit academisch jaar beginnen met vertrouwen, met bescheidenheid én ambitie, en van die drie vooral de ambitie. En met de bereidheid elkaar vast te houden in de wind. Uiteindelijk dragen wij deze opdracht niet alleen. Wij mogen haar ontvangen en wij worden allen gezamenlijk in deze taak worden gedragen.
Ik wens u allen een gezegend, inspirerend en vruchtbaar academisch jaar toe.

Facebook
LinkedIn
Scroll naar boven